Q&A coronavirus & sport

Er bereiken ons dagelijks vele vragen in relatie tot de maatregelen die lokaal, regionaal, landelijk en ook internationaal worden genomen om het Nieuwe coronavirus te bestrijden. Ook wij kunnen met elkaar een bijdrage daaraan leveren. De onderstaande Q&A-lijst is niet uitputtend en mede gebaseerd op vragen die u ons stelt en wat u aan maatregelen en oplossingen neemt en biedt.

Er zijn ook veel vragen met een juridisch en/of financieel karakter. Bij de beantwoording van die vragen willen wij benadrukken dat we in deze bijzondere tijden natuurlijk ook moeten erkennen dat bijvoorbeeld huurovereenkomsten en subsidies nu eenmaal niet altijd in dit scenario voorzien. De antwoorden zijn daarom indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Mede doordat juridisch en feitelijk gezien veel gevallen lokaal van aard zijn en niet met elkaar vergeleken kunnen worden. Onze antwoorden zijn dus geen juridisch advies en met name gebaseerd op de informatie waarover wij nu beschikken in overleg met onze legal network partner, Marxman Advocaten. Nieuwe wet- en/of regelgeving of rechtspraak wordt door ons verwerkt in onze Q&A.

Per veiligheidsregio zijn weliswaar op een landelijk model noodverordeningen vastgesteld, maar deze verschillen hier en daar van elkaar en kennen nuanceverschillen. Hoewel wij vooralsnog inschatten dat deze in de toekomst zoveel mogelijk gelijk zullen worden uitgelegd vanwege de aanwijzing van de ministers in het kader van rechtsgelijkheid en het doel van de noodverordeningen hetzelfde is, kan het zo zijn dat lokaal/regionaal  verschillende interpretaties hierop worden nagehouden.

Wij adviseren u bij maatregelen van financiële en/of juridische aard deze altijd ook juridisch te laten toetsen en deze pagina regelmatig te raadplegen vanwege actualiteit.

Oproep

Mocht u vragen hebben, voorbeelden van maatregelen en/of suggesties, laat ons dat dan weten via info@sportengemeenten.nl.

Q&A Nieuwe Corona Virus in relatie tot lokaal sportbeleid

1. Algemeen

Q1.1      Zijn de uitgevaardigde maatregelen om alle sport- en fitnessclubs tot en met 28 april te sluiten verplicht?

A1.1       Ja, het kabinet heeft op 15 maart de aanvullende maatregel ingesteld om ook sport- en fitnessclubs te sluiten. Aanvankelijk tot en met 6 april en later is dit tot en met 28 april verlengd. Dit betekent dat er geen sportactiviteiten (waaronder personal training) in de sportinrichting mag plaatsvinden. De aanvullende maatregelen van 23 maart hebben hier geen verandering op aangebracht.

Q1.2      De maatregelen zijn gericht op sport- en fitnessclubs. Geldt het verbod ook voor (gemeentelijke) sportaccommodaties zoals zwembaden en ijsbanen?

A1.2       Ja, ondanks dat sportfaciliteiten niet als zodanig staan benoemd in de aanvullende maatregelen d.d. 15 maart, vallen ook de locaties waar (georganiseerd) sport wordt aangeboden onder het verbod. In een toelichting op de maatregel adresseert het ministerie de maatregel aan de algehele sector waarin sport- en fitnessclubs actief zijn, bijvoorbeeld sportverenigingen, zwembaden, fitnessgelegenheden en sportscholen.

Q1.3      Geldt de werkingsduur van de afgekondigde extra maatregelen van 23-03 tot 1 juni ook voor de sluiting van sport- en fitnessclubs?

A1.3       Nee, de maatregel om sport- en fitnessgelegenheden te sluiten blijft tot en met 28 april van kracht. Rond 21 april wordt deze maatregel opnieuw heroverwogen.

2. Sport en bewegen in de openbare ruimte

Q2.1      Door het sluiten van sportfaciliteiten is een ontwikkeling zichtbaar dat sporters uitwijken naar de openbare ruimte. Zijn er voorzorgsmaatregelen nodig om besmetting in de buitenruimte te voorkomen?   

A2.1      Samenkomsten en evenementen zijn verboden. Het is ook verboden om in de openbare ruimte minder dan 1,5 meter afstand te houden tot een andere persoon in een groep van drie of meer personen Sporten in de openbare ruimte is dus nog mogelijk wanneer je afstand houdt en zolang het geen evenement en samenkomst wordt.

Bij het uitoefenen van sportactiviteiten in de buitenruimte waarbij meerdere mensen zich tegelijk begeven op een beperkt oppervlak, is het aan de sporters zelf om hier op te letten (bijv. bij calisthenics-toestellen in de buitenlucht). In het geval van het solo uitoefenen van sporten zoals hardlopen of wielrennen is het ook noodzaak om afstand te bewaren, bijvoorbeeld wanneer je andere personen nadert.

Vooralsnog zijn er geen specifieke maatregelen opgelegd die het sportief en recreatief gebruik van openbare ruimte inperken waarop gehandhaafd dient te worden. Wel kan tegen iedereen handhavend worden opgetreden wanneer in een groep van drie personen of meer geen 1,5 meter afstand wordt gehouden of een samenkomst ontstaat.

De voorzitter van de veiligheidsregio kan besluiten om een verbod in te stellen op specifieke locaties, waaronder druk bezochte buiten(sport)locaties. Dan mogen ook sporters zich geheel niet meer in dat gebied bevinden.

Q2.2      Hoe dient de gemeente om te gaan met de toeloop van spelende kinderen die gebruikmaken van gemeentelijke speeltuinen en informele sportvoorzieningen (zoals Cruyff Courts en andere trapveldjes)? 

A2.2      De laatste informatie van het RIVM  is dat uit de gegevens die nu bekend zijn, kinderen weinig lijken bij te dragen aan de verspreiding van het coronavirus. Kinderen kunnen prima met anderen spelen als ze géén klachten hebben zoals koorts, verkoudheidsklachten of hoest. Voor de begeleiders van de kinderen geldt onverminderd het verbod op groepsvorming. Dit groepsverbod houdt in het verbod om in een groep van drie of meer personen om minder dan 1,5 meter afstand te bewaren tot de volgende persoon en op te houden.

Gemeenten kunnen aanvullende maatregelen treffen met bijvoorbeeld signalering op de speelplekken die wijzen op het gevaar van samenscholing en fysiek contact.

Daarnaast kan de burgemeester of voorzitter van de veiligheidsregio besluiten een verbod in te stellen voor het zich bevinden op bepaalde locaties.

Zo is voor de gemeente Utrecht besloten om alle beheerde speeltuinen tot en met 6 april te sluiten en roept zij beheerstichtingen van speeltuinen op dezelfde maatregel te treffen.

Gemeente Alphen aan den Rijn heeft via deze weg besloten om een verbod op het gebruik van openbare outdoortoestellen af te kondigen. Het is bij dergelijke toestellen (bijvoorbeeld calisthenics) erg lastig om de hygiënische maatregelen in acht te nemen evenals de richtlijnen om voldoende afstand (minimaal 1,5 meter) tot elkaar te bewaren.

Heeft uw gemeente reeds passende maatregelen getroffen? Meld het ons.

Q2.3      Mag een ruiter paardrijden in het bos? En mag een ruiter paardrijden bij de manege?

A2.3   Het uitgangspunt is dat sportinrichtingen, sportaccommodaties en sportvelden zijn gesloten tot en met 28 april 2020. Dit betekent dat in principe geen paard mag worden gereden op de manege en accommodaties zijn gesloten voor lessen, evenementen en verenigingsactiviteiten. Dit geldt ook voor alle horecagelegenheden. Echter hebben paarden dagelijks verzorging én beweging nodig waardoor beperkte openstelling noodzakelijk is. Voor een genuanceerder antwoord verwijzen we naar het volgende bericht.

Voor zover het bos niet is aangewezen als sportinrichting of sportveld, is het uitgangspunt dat dit niet gesloten is op basis van de noodverordening. Hierbij gelden wel beperkingen, zoals het bewaren van 1,5 meter afstand tussen personen in een groep van drie of meer. Uiteraard gelden daarnaast ook de wetten en regels waaraan de ruiter zich ‘gewoon’ dient te houden, bijvoorbeeld of het toegestaan is paard te rijden in het betreffende bos en wat de tijden daarvoor zijn. Het is belangrijk om te allen tijde de maatregelen van het RIVM in acht te nemen (en het is mogelijk verstandig om slechts uw eigen paard te berijden en niet te delen om eventueel besmettingsgevaar te voorkomen).

De voorzitters van de veiligheidsregio’s kunnen locaties aanwijzen waardoor het voor iedereen verboden wordt om zich binnen die locatie te bevinden. Onderzoek of het gebied waar jij wilt gaan paardrijden zo’n verboden locatie is.

Q2.4      Mag je golfen op een semi-openbaar toegankelijke golfbaan?

A2.4     Het uitgangspunt is dat sportinrichtingen, sportaccommodaties en sportvelden zijn gesloten tot en met 28 april 2020. Dit betekent dat er dus geen golf gespeeld mag worden.

Voor zover een terrein niet volledig als sportinrichting of sportveld is aangewezen, is het uitgangspunt dat het openbare gedeelte niet gesloten is op basis van de noodverordening. Dat betreft dan veelal een wandel- en/of fietspad en niet het gedeelte waarop golf gespeeld wordt. In dat geval mag er dus geen golf gespeeld worden.

De voorzitters van de veiligheidsregio’s kunnen locaties aanwijzen waardoor het voor iedereen verboden wordt om zich binnen die locatie te bevinden. Onderzoek of het gebied waar jij wilt gaan paardrijden zo’n verboden locatie is.

3. Financieel

Q3.1      Is er zicht op wat gemeenten doen met de huur (wel of niet door laten lopen; tijdelijk stopzetten; later verrekenen etc.)?

A3.1       Hierop is geen eenvoudig antwoord te geven. Elke situatie verschilt en is ook afhankelijk van de concrete (contractuele) afspraken. Indien de gemeente als verhuurder de gehuurde sportaccommodatie sluit op basis van de noodverordening is er vermoedelijk sprake van een overmachtsituatie en is de huurder geen (gehele) huur verschuldigd. Let op! Hierop zijn uitzonderingen. Win juridisch advies in over wat de sluiting betekent in uw specifieke geval en wat de mogelijkheden zijn.

De lijn die in verschillende gemeenten, waaronder gemeente ’s-Hertogenbosch wordt gevolgd is dat daar waar er geen dienst wordt geleverd er ook geen huur in rekening wordt gebracht. Er wordt niet gefactureerd voor de huur van sporthallen, gymzalen en het zwembad door verenigingen en incidentele gebruikers. Alle sportparken en accommodaties die het hele jaar door gebruikt worden door 1 vereniging wordt wel de huur gewoon in rekening gebracht maar met de optie dat de betaling uitgesteld kan worden. In deze gevallen wordt er namelijk wel een dienst geleverd, de verenigingen kunnen de accommodaties wel betreden want ze hebben de sleutel zelf, maar kunnen er geen activiteiten op organiseren. Aan deze groepen wordt dus pro-actief aangegeven dat ze wel een factuur krijgen maar dat ze de betaling kunnen uitstellen.

Commerciële huurders, pachters (horeca) e.d. kunnen zelf actief  uitstel van huurbetaling bij de gemeente aanvragen als dat voor hen nodig is.

Naar het oordeel van deze gemeenten sluit deze handelswijze goed aan bij de rijksregelingen die er lopen om organisaties tegemoet te komen. Later kan er dan overwogen worden of de gemeente gedupeerde huurders gaat compenseren en hoe.

Q3.2      Hoe gaan gemeenten of gemeentelijke sportbedrijven om met lopende abonnementen en strippenkaarten? 

A3.2       We zien dat diverse gemeenten hebben aangekondigd dat ze niet genoten uren niet in rekening brengen aan huurders van een sporthal of gymzaal. Ook zien we veelvuldig de maatregel dat abonnementen en strippenkaarten doorlopen en worden verlengd.

Q3.3      Hoe gaan gemeenten om met subsidies die zijn verstrekt voor sportactiviteiten die niet kunnen worden uitgevoerd?

A3.3       Normaal gesproken heeft de gemeente het recht om subsidies in te trekken of terug te vorderen op het moment dat een activiteit of dienst niet wordt uitgevoerd of wordt geleverd. Met de uitbraak van het coronavirus is sprake van een bijzondere situatie en overmacht waardoor gemeenten per situatie bekijken wat nodig is en welke maatregelen kunnen worden getroffen.

4. Beheer, onderhoud en exploitatie

Q4.1      Mag er onderhoud worden gepleegd aan inrichtingen: zoals sportvelden en binnensportaccommodaties?

A4.1      Het uitgangspunt is dat ook sportinrichtingen gesloten zijn tot en met 28 april 2020. Ook indien dit niet specifiek in de ter plaatse geldende noodverordening is opgenomen, is dit het uitgangspunt, omdat dit bijdraagt aan het doel van de aanwijzing van de ministers en de noodverordeningen om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.

Dit betekent dat deze in principe ook niet mogen worden betreden voor onderhoud, omdat dit de kans op verspreiding van het coronavirus vergroot. Hierop zijn wel uitzonderingen denkbaar. Het is belangrijk om te allen tijde de maatregelen van het RIVM en het groepsverbod in acht te nemen. Dit groepsverbod houdt in het verbod om in een groep van drie of meer personen om minder dan 1,5 meter afstand te bewaren tot de volgende persoon en op te houden.

Wij adviseren u om regulier onderhoud, keuringen etc. uitsluitend te doen op basis van overleg met de voorzitter van de veiligheidsregio waar uw gemeente onder valt vanwege bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving.

Sportaanbieders adviseren we om contact op te nemen met de gemeentelijke contactpersoon dan wel het lokale sportbedrijf.

Q4.2      Mag/kan een bestuur vrijwilligers onderhoud laten doen of moet de gemeente daar een bedrijf voor inzetten?

A4.2       Het uitgangspunt is dat voor de sportvereniging een zorgplicht geldt wanneer het vrijwilligers of werknemers (van een opdrachtnemer) inzet. Bij de uitvoering van de werkzaamheden dient de sportvereniging als werkgever of opdrachtgever in principe die maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn om een veilige werkomgeving te creëren. Het is belangrijk om te allen tijde de maatregelen van het RIVM en het groepsverbod  in acht te nemen. Dit groepsverbod houdt in het verbod om in een groep van drie of meer personen om minder dan 1,5 meter afstand te bewaren tot de volgende persoon en op te houden.

Q4.3      Alle (gemeentelijke) buitensportcomplexen zijn op slot. Betekent dit dat ook recreatief gebruik niet is toegestaan?

A4.3       Ja, alle sportaccommodaties en sportinrichtingen zijn gesloten. Deze maatregel moet breed worden toegepast, dus ook voor informele groepen die recreatief gebruik maken van de buitensportaccommodatie. Hierop kan gehandhaafd worden en kan bij overtreding van de maatregelen onder andere een boete worden opgelegd afhankelijk van de noodverordening die lokaal  geldt. Het uitgangspunt is “alles is dicht, tenzij…”. Dat tenzij slaat er dan op dat de voorzitter van de veiligheidsregio daarvan af kan wijken.

Q4.4.     In hoeverre en in welke situaties kan handhavend opgetreden worden, indien een sportaccommodatie, ondanks de sluiting, wordt betreden?

A4.4       Het uitgangspunt is dat het onder de noodverordeningen verboden is om inrichtingen, zoals zwembaden, sporthallen, sportvelden en andere sportaccommodaties geopend te houden. Het is in het algemeen de taak van de eigenaar/beheerder/exploitant van de inrichting deze te sluiten. Het treffen van verdergaande maatregelen kan onder omstandigheden worden gevergd, bijvoorbeeld indien de sportinrichting eenvoudig te betreden is ondanks de (formele) sluiting. Dit kan bijvoorbeeld zijn, indien de inrichting bestaat uit buitensportvelden zonder of met lagere hekken. Het uitgangspunt daarbij is dat handhavend kan worden opgetreden tegen iedere overtreder: dit kan bijvoorbeeld zijn de betreder(s) van de inrichting, maar ook de eigenaar/beheerder/exploitant omdat hij zich onvoldoende inspant de inrichting te sluiten.

Q4.5      Is de sportclub nog steeds verantwoordelijk, indien zij alle hekken en de accommodatie op slot heeft gedaan?

A4.5       Alle sportinrichtingen, zoals sportvelden en andere sportaccommodaties, zijn gesloten. Van de beheerder/eigenaar/exploitant wordt in principe verwacht dat zij de sportinrichting en de daarbij horende hekken en deuren op slot doen. Het kan zinvol zijn (in overleg met de beheerder/eigenaar/exploitant van de sportinrichting) om een waarschuwingsbord op te hangen bij de toegangspoort met de mededeling dat de sportinrichting is gesloten i.v.m. het coronavirus. Het is aan te raden om attributen zoals doelen, netten of korven op te bergen en eigen leden te informeren over het verbod om de sportinrichting te betreden. Bij het zien van betreders kan de club de veiligheidsregio informeren, maar normaliter hoeft een sportvereniging dit zelf niet actief te controleren.

Als mensen daarna – ondanks de sluiting – alsnog gebruikmaken van de sportinrichting kan de veiligheidsregio hiertegen handhaven. Tegen iedereen die handelt in strijd met de maatregelen kan handhavend worden opgetreden.

Q4.6      Als de sportclub een bord ophangt, kan er dan niet meer handhavend worden opgetreden?

A4.6       Het uitgangspunt is dat slechts het plaatsen van een bord, onvoldoende is dat niet handhavend kan worden opgetreden (tegen de sportclub).

Q4.7      Is de sportclub verantwoordelijk voor het toezichthouden opdat niemand de sportaccommodatie betreedt?

A4.7       Alle sportinrichtingen, zoals sportvelden en andere sportaccommodaties, zijn gesloten. Van de beheerder/eigenaar/exploitant wordt in principe verwacht dat zij de sportinrichting en de daarbij horende hekken en deuren op slot doen. Het kan zinvol zijn (in overleg met de beheerder/eigenaar/exploitant van de sportinrichting) om een waarschuwingsbord op te hangen bij de toegangspoort met de mededeling dat de sportinrichting is gesloten i.v.m. het coronavirus. Het is aan te raden om attributen zoals doelen, netten of korven op te bergen en eigen leden te informeren over het verbod om de sportinrichting te betreden. Bij het zien van betreders kan de club de veiligheidsregio informeren, maar normaliter hoeft een sportvereniging dit zelf niet actief te controleren.

Als mensen daarna – ondanks de sluiting – alsnog gebruikmaken van de sportinrichting kan de veiligheidsregio hiertegen handhaven. Tegen iedereen die handelt in strijd met de maatregelen kan handhavend worden opgetreden.

Q4.8      Wie kan een boete krijgen indien de sportinrichting, ondanks de sluiting, wordt betreden?

A4.8       Het uitgangspunt is dat het onder de noodverordeningen verboden is om inrichtingen, zoals zwembaden, sporthallen, sportvelden en andere sportaccommodaties geopend te houden. Het is in het algemeen de taak van de eigenaar/beheerder/exploitant van de inrichting deze te sluiten. Het uitgangspunt daarbij is dat tegen iedere overtreder van het verbod, handhavend kan worden opgetreden.

Q4.9      Hoe vindt de handhaving van het verbod op het geopend houden van een sportaccommodatie plaats?

A4.9       Het uitgangspunt is dat de voorzitter van de veiligheidsregio belast is met de handhaving van de naleving van de noodverordening. In de noodverordeningen van de veiligheidsregio’s worden (o.a.) toezichthouders, boa’s, politieambtenaren en de militairen van de Koninklijke Marechaussee aangewezen die bevoegd zijn om handhavend op de treden. In voorkomende gevallen zal de politie (feitelijk) handhaven. Geregeld worden aanwijzingsbesluiten genomen waarmee de kring van bevoegde personen wordt uitgebreid. Handhaving kan bestuursrechtelijk (bestuursdwang of dwangsom) en/of strafrechtelijk (boete of hechtenis) plaatsvinden.

5. Sportstimulering

Q5.1      Mag een buurtsportcoach activiteiten buiten aanbieden, bijvoorbeeld in het park of op een speelplaats?

A5.1       Nee, alle bijeenkomsten worden verboden tot en met 28 april, ook met minder dan 100 mensen. Dat betekent dat er geen georganiseerde sport- en beweegactiviteiten kunnen worden aangeboden. Dit verbod geldt ook voor samenkomsten buiten de openbare ruimte. Zo kan ook handhavend worden opgetreden tegen samenkomsten binnen een besloten kring.

Q5.2      Zijn alle sportstimuleringsactiviteiten in gemeenten on hold gezet?

A5.2       Ja, voor zover wij weten zijn alle clinics en buurtsportactiviteiten komen te vervallen. We zien uitzonderingen dat er op kleine schaal sportactiviteiten worden georganiseerd voor kinderen van ouders uit vitale beroepen (zoals zorg en hulpverlening).

Q5.3      Heel veel sporten zouden toch redelijkerwijs wél doorgang kunnen vinden met aangepaste regels? Zoals golf of tennis?            

A5.3       Afgesproken is om alle sportfaciliteiten tot en met 28 april te sluiten. Het kabinet zal voor die tijd besluiten of er extra maatregelen worden ingesteld, dezelfde maatregelen van kracht blijven of een versoepeling mogelijk is. Mocht er een versoepeling in maatregelen volgen, dan zullen we in overleg met NOC*NSF bekijken in welke gevallen en onder welke condities dit mogelijk is. In alle gevallen geldt dat de burgemeester of de voorzitter van de veiligheidsregio leidend is. Naar aanleiding van de verlengde maatregelen van 31 maart 2020 heeft de KNVB reeds besloten de competities van het amateurvoetbal dit seizoen niet meer te hervatten.

Q5.4      Met name bij commerciële sportorganisaties zien we op dit moment creatieve oplossingen ontstaan om online beweegprogramma’s aan te bieden. Zijn er al goede voorbeelden van hoe we specifieke doelgroepen (b.v. ouderen) kunnen bereiken met online beweegprogramma’s zonder toegang tot ‘moderne media’?          

A5.4       Op dit moment zien we dat zowel aanbieders als sporters zelf alternatieve oplossingen bedenken om toch in beweging te blijven met inachtneming van de richtlijnen van het RIVM. In het corona-dossier van VSG zullen we zoveel mogelijk goede voorbeelden proberen aan te reiken. Mocht in de praktijk blijken dat bepaalde groepen moeite hebben met toegang tot dit alternatieve sportaanbod, dan zal VSG samen met haar partners kijken waar actie kan worden ondernomen om in deze bijzondere tijden toch invulling te kunnen geven aan ‘Iedereen kan sporten’.

Q5.5   Heeft VSG een overzicht van sport- en beweegactiviteiten die nog wel kunnen worden aangeboden, bijvoorbeeld via online media?

A5.5    Ja, wij bundelen goede voorbeelden van activiteiten op sportindebuurt.nl. Op coronactive.eu, waar VSG ook bij betrokken is, kun je ook interessante internationale aanpakken vinden.

6. Verenigingsondersteuning

Q6.1      Verenigingen geven aan minder/geen inkomsten te genereren (bv. uit kantine-omzet). Hoe ga je hier mee om, wat kun je hier als gemeente mee?

A6.1       Uit de impactanalyse van NOC*NSF en de sportbonden blijkt dat er naar verwachting een negatieve financiële impact zal zijn van 950 miljoen euro binnen de hele sportsector tot en augustus 2020. Dit bedrag is variabel en onder andere afhankelijk van de duur van de maatregelen. Het gaat in dit geval om sport in de breedste zin van het woord. Ook de horeca als inkomstenbron van sportverenigingen is daarin meegenomen.

Wij hebben samen met o.a. NOC*NSF gevraagd aan de Tweede Kamer en het Kabinet om net als in andere sectoren te bezien of en zo ja welke steunmaatregelen getroffen kunnen worden. Sportverenigingen en sportorganisaties kunnen onder voorwaarden een aanvraag indienen bij het noodloket van het Rijk.

Bij het nemen van lokale maatregelen is het uitgangspunt dat de gemeente haar crediteuren gelijk moet behandelen. Ook moet de gemeente (sport)verenigingen gelijk behandelen, voor zover het gelijke gevallen zijn.

Houdt u de maatregelen van de regering ook in de gaten voor (fiscale) oplossingen die de gemeente kan aanbieden aan (sport)verenigingen die te kampen hebben met minder of geen inkomsten als gevolg van de corona-crisis. Dit geldt bijvoorbeeld voor de professionals die een sportvereniging in dienst kan hebben, of bijvoorbeeld buurtsportcoaches in dienst van anderen dan de gemeente zelf. Soms zijn buurtsportcoaches ZZP’er en vallen dan onder de regeling die inmiddels is afgekondigd.

Q6.2      Welke steunmaatregelen zijn er waarop sportverenigingen op terug kunnen vallen?

A6.2       Diverse banken bieden de mogelijkheid voor sportverenigingen om de aflossingen voor een periode van zes maanden uit te stellen. Stichting Waarborgfonds Sport (SWS) heeft deze banken inmiddels toegezegd om ook de afbouw van de borgstelling op te schorten voor die periode. Zie: https://sws.nl/nieuws/banken-en-sws-geven-sportclubs-lucht-met-uitstel-van-aflossingsverplichtingen/.

Sportverenigingen en sportorganisaties kunnen onder voorwaarden een aanvraag indienen bij het noodloket van het Rijk.

Q6.3   Een sportorganisatie uit onze gemeente blijkt op basis van de SBI-code niet in aanmerking te komen voor een vergoeding uit het noodloket? Hoe kan dit?

A6.3    Organisaties die een aanvraag bij het noodloket kunnen indienen, moeten met de juiste SBI-code staan ingeschreven bij het KvK-register. Dit is te checken op de site van RVO.

Mocht een organisatie niet in aanmerking komen, dan wordt dit direct gemeld. Mocht u van mening zijn dat uw SBI-code ten onrechte ontbreekt op de lijst, dan kunt u hiervan melding maken.

7. Sportakkoord

Q7.1      Is er uitstel voor het indienen van een sportakkoord?

A7.1      Nee. Er zijn twee data die van belang zijn en blijven. De datum 8 juni 2020 is de datum waarop gemeenten uiterlijk een aanvraag kunnen doen voor een uitvoeringsbudget 2020. Dat kunnen gemeenten alleen online doen, via een linkje dat zij in april krijgen toegestuurd.

Op die datum hoeft er nog geen sportakkoord te zijn opgeleverd. Dat moet wel voor 26 juni 2020 gebeurd zijn door het akkoord te sturen naar sportakkoorden@sportengemeenten.nl

Q7.2      Het lukt ons door de coronamaatregelen niet om een slotbijeenkomst te houden waarin alle partijen het akkoord feestelijk ondertekenen. Wat nu?

A7.2       Het is voor VSG, NOC*NSF en VWS niet per se noodzakelijk dat het sportakkoord feitelijk ondertekend wordt. De inhoud en de namen van partijen die zich erachter scharen zijn voor ons wel van belang.

Overigens zou het mogelijk kunnen zijn om in juni een bijeenkomst te organiseren. Die afweging is aan de lokale partners en de sportformateur.

Wij adviseren echter in principe alle gemeenten die met het sportakkoord of de uitvoering daarvan bezig zijn om in september 2020 een bijeenkomst te houden met alle betrokken stakeholders en andere geïnteresseerde organisaties. Daarmee zorg je ervoor dat betrokkenen gebonden blijven. Je hebt daarmee ook gelijk de mogelijkheid om een moment te markeren waarin je gezamenlijk de uitvoeringsfase ingaat. Hiermee voorkom je dat het netwerk door de coronacrisis zwakker wordt. Je zou hiervoor de Nationale Sportweek kunnen benutten!

Daarnaast heb je dan alsnog een platform om het akkoord op een feestelijke manier vast te stellen en ondertekenen.

Q7.3      Wij zijn nog helemaal niet zo ver, want we zijn door omstandigheden pas net op gang gekomen. Hoe kunnen we in deze omstandigheden nog een akkoord ontwikkelen voor 26 juni?

A7.3       Wij begrijpen heel goed dat het niet mogelijk is om in deze omstandigheden groepsbijeenkomsten te organiseren. Toch willen en moeten wij de gang erin houden, zeker ook als we optimaal gebruik willen blijven maken van de subsidiemogelijkheden die het sportakkoord biedt. Wij geven de volgende tips en overwegingen mee:

  • Streef in deze situatie naar een sportakkoord op hoofdlijnen, met enkele concrete ambities, met focus en met enkele maatregelen/ projecten op hoofdlijnen.
  • Bouw wel aan een netwerk. Formeer (ook al is het op afstand) een kerngroep die het akkoord later ook kan borgen.
  • Gebruik als input de belangrijkste bronnen cq hoofdrolspelers en bindt die aan het korte proces dat je doorloopt: de sportraad, het sportbedrijf, de sportserviceorganisatie, de gemeente, adviseur lokale sport, paar grote clubs, welzijnsstichting, onderwijskoepel/- bestuur.
  • Gebruik – ja, dit is een open deur – videocalls, skype e.d.. Doe veel een-tweetjes. Tap informatie af en maak vooral gebruik van sportnota en beleidsplannen die er al zijn. Zoom in en haal de krenten uit de pap.
  • Haal informatie op bij de sportsector en maatschappelijke partijen. Dat kan door middel van telefoontjes als het veld klein en overzichtelijk is. Maar het kan ook door middel van een digitale enquête onder sportclubs. Stel een paar eenvoudige vragen die tot doel hebben om onderwerpen te prioriteren en hoofdmaatregelen te benoemen.
  • Overweeg om alsnog een bijeenkomst met de hoofdrolspelers en kerngroep in de maand juni te organiseren.
  • Spreek af om sowieso in september 2020 bij elkaar te komen met de lokale sportwereld, gemeente en maatschappelijke partners om het sportakkoord (dat op hoofdlijnen in juni 2020 is ingediend bij VSG) te bespreken en verder te concretiseren. Doel: draagvlak vergroten, uitwerken, en opmaat naar uitvoering. Presenteer daar vooral ook de kerngroep aan de achterban van het sportakkoord.