Vraag & Antwoord: Vrijwilligersverzekering en gemeenten

Sinds de invoering van de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen in 2021 hebben vrijwilligersorganisaties vaker vragen en zorgen over bestuurdersaansprakelijkheid. Het doel van deze wet is om bestuur en toezicht van rechtspersonen zoals bedrijven, stichtingen en verenigingen te verbeteren en misstanden tegen te gaan. Vooral in de vrijwilligerssector is er behoefte aan duidelijkheid: wat betekent de wet precies en in hoeverre dekt de vrijwilligersverzekering mogelijke risico’s van vrijwilligers af?

Gemeenten spelen hierbij een niet onbelangrijke rol. Meer dan driehonderd gemeenten zijn aangesloten op de gemeentelijke vrijwilligersverzekering die in 2008 op instigatie van het ministerie van VWS in samenspraak met VNG is ontwikkeld. Maar wat betekent het precies wanneer een gemeente deze verzekering heeft afgesloten voor de vrijwilligers en mantelzorgers?  Ook hierover heerst onduidelijkheid. Niet alleen vrijwilligers zijn niet altijd voldoende op de hoogte, ook gemeenten weten soms niet dat zij polishouder zijn.

Met deze Q&A, die vooral is gebaseerd op een verdiepend onderzoek van Significant, willen wij gemeenten op de hoogte brengen van de laatste ontwikkelingen rondom de vrijwilligersverzekering. Daarnaast roepen wij gemeenten op om deze informatie te delen met vrijwilligersorganisaties die lokaal werkzaam zijn, zodat ook zij hiervan kennis kunnen nemen.

Lees hier het volledige onderzoek ‘Bescherming gemeentelijke vrijwilligersverzekering tegen bestuurdersaansprakelijkheid’

Wat is de vrijwilligersverzekering?

De vrijwilligersverzekering voor gemeenten is in 2008 ontwikkeld naar aanleiding van de motie Slob, waarin wordt gevraagd om meerjarig middelen beschikbaar te stellen voor het mogelijk maken van een vrijwilligersverzekering. VNG heeft de verzekering in samenwerking met Centraal Beheer ontwikkeld.

Met de vrijwilligersverzekering verzekert de gemeente in één keer de vrijwilligers en mantelzorgers tijdens hun werk in de betreffende gemeente. Een aparte registratie of aanmelding van vrijwilligers of de organisaties waarbinnen zij werkzaam zijn is niet nodig

Wat dekt de vrijwilligersverzekering?

Vrijwilligers zijn via de gemeentelijke vrijwilligersverzekering verzekerd voor: aansprakelijkheid van de vrijwilligers, aansprakelijkheid van de organisatie, bestuurdersaansprakelijkheid, ongevallen, persoonlijke eigendommen en rechtsbijstand. Let wel: de gemeentelijke vrijwilligersverzekering is een zogeheten secundaire verzekering. Dat wil zeggen dat de verzekering in beeld komt als er geen andere verzekering is afgesloten door een individu of een vrijwilligersorganisatie zelf, die dekking biedt. Zij is bedoeld als “vangnet” voor vrijwillige bestuurders en gericht op relatief kleinere vrijwilligersorganisaties.

Wat is het doel van deze vrijwilligersverzekering?

Het doel van de verzekering was en is om te zorgen voor een vangnet om te voorkomen dat vrijwilligers stoppen met hun inzet vanwege ervaren risico’s. De verzekering is niet bedoeld ter vervanging van verzekeringen die verenigingen en stichtingen zelf afsluiten.

Het wegnemen van de eigen verantwoordelijkheid van verenigingen en stichtingen om een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten is nooit het oogmerk van de gemeentelijke vrijwilligersverzekering geweest. Het grootste deel van de gemeenten heeft de gemeentelijke vrijwilligersverzekering afgesloten voor de meest voorkomende schades voor vrijwilligers die actief zijn in de gemeente en/of in de gemeente wonen. Centraal Beheer is de verzekeraar die voor de meeste gemeenten de vrijwilligersverzekering aanbiedt. Daarnaast biedt Vrijwilligersnet (zie: Vrijwilligerspolis | Vrijwilligersnet) ook de mogelijkheid voor een vrijwilligersverzekering aan. De kosten voor gemeenten zijn relatief beperkt in vergelijking met andere verzekeringen. De verzekeringspremie wordt berekend op basis van het aantal inwoners van een gemeente.

Is de vrijwilligersverzekering voldoende bekend bij de doelgroep?

Nee, veel vrijwilligersorganisaties zijn niet goed op de hoogte van deze verzekering. Gemeenten en landelijke, regionale en lokale ondersteuningsorganisaties (zoals bonden, sportserviceorganisaties of vrijwilligerscentrales) voor vrijwilligers zouden hier meer aandacht aan kunnen geven. Naast informatieverstrekking is er duidelijke behoefte bij vrijwillige bestuurders aan concrete ondersteuning bij het maken van een goede risicoafweging voor de situatie van de eigen organisatie. Afhankelijk van de sector kunnen gemeenten of koepelorganisaties hier een rol in spelen.

Wie mag advies geven aan vrijwilligersorganisaties over verzekeringen?

Het is belangrijk dat vrijwilligers terecht kunnen bij een onafhankelijke partij met een vergunning om verzekeringsgerelateerd advies te geven. Om dergelijk advies te geven, heeft een organisatie een vergunning nodig van de Autoriteit Financiële Markten.

In hoeverre heeft de WBTR te maken met de vrijwilligersverzekering?

De Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR, 2021: wetten.nl – Regeling – Wet bestuur en toezicht rechtspersonen – BWBR0044657) heeft de juridische aansprakelijkheid voor vrijwillige bestuurders niet wezenlijk vergroot. De meeste aansprakelijkheidsgronden bestonden al in het Burgerlijk Wetboek. Jurisprudentie op basis van de WBTR is schaars. Wel heeft de WBTR geleid tot meer bewustwording over bestuurdersaansprakelijkheid, maar ook tot onduidelijkheid en een andere risicobeleving. Dit is een ongewenste ontwikkeling omdat het vrijwilligerswerk minder aantrekkelijk maakt.

Hoe zit het dan met aansprakelijkheid en de WBTR?

Ook vóór de inwerkingtreding van de WBTR was het reeds mogelijk om vrijwillige bestuurders hoofdelijk aansprakelijk te stellen. Hier zijn wettelijke gronden voor in het Burgerlijk Wetboek.

De WBTR verduidelijkt, met de invoering in 2021, wat ‘behoorlijk bestuur’ inhoudt door middel van maatregelen die intern toezicht en checks and balances verankeren in de statuten van verenigingen en stichtingen. Een van de centrale onderdelen van de WBTR zijn regels die de aansprakelijkheid van bestuurders van verenigingen en stichtingen verduidelijken in geval van faillissement als gevolg van onbehoorlijke taakvervulling. De WBTR maakt het voor een curator makkelijker om bestuurders aansprakelijk te stellen in geval van faillissement van een vereniging of stichting. Specifiek rond bestuurdersaansprakelijkheid heeft de WBTR geen andere wijzigingen met zich meegebracht.

Hoe werkt de vrijwilligersverzekering?

De vrijwilligersverzekering voor gemeenten is, zoals gezegd, bedoeld als vangnet voor vrijwilligers en kleinere verenigingen en stichtingen die zelf geen verzekering hebben afgesloten. De verzekering biedt in de meeste gevallen geen ‘primaire dekking’. Het gaat bij de meeste modules om een ‘secundaire dekking’: bij een eventuele schade gaan een individueel afgesloten verzekering en/of een verzekering afgesloten door een vereniging voor. Vrijwilligers kunnen een claim indienen bij de gemeente, die deze vervolgens aan de verzekeraar doorgeeft. De vrijwilliger en de gemeente worden beide van de terugkoppeling op de hoogte gesteld. Centraal Beheer heeft een informatiepagina voor vrijwilligers: Vrijwilligers – Centraal Beheer.

Wat dekt de vrijwilligersverzekering?

De focus van de vrijwilligersverzekering ligt voor een belangrijk deel op de bescherming van individuele vrijwilligers in het algemeen en niet specifiek op de bescherming van vrijwillige bestuurders. De vrijwilligersverzekering voor gemeenten heeft als standaard onderdelen een aansprakelijkheidsverzekering, een ongevallenverzekering en een eigendommenverzekering voor vrijwilligers. Daarvan biedt de ongevallenverzekering als enige wel ‘primaire dekking’. Verder biedt Centraal Beheer een aantal optionele onderdelen aan, waaronder een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering en rechtsbijstandverzekering voor vrijwilligers. Bijna alle gemeenten hebben gekozen voor de volledige dekking, op een paar uitzonderingen na.

Het (maximaal) verzekerde bedrag van de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is 1.000.000 euro[1] met een maximum van 2.000.000 euro per verzekeringsjaar voor alle verzekerden samen. Dit maximumbedrag is standaard voor alle gemeenten, ongeacht het aantal inwoners en/of het aantal verenigingen en stichtingen dat actief is binnen de gemeente.

Bij rechtsbijstand bij strafrecht is het (maximaal) verzekerde bedrag 40.000 euro voor alle aanspraken van vrijwilligers gezamenlijk en bij verhaalsrechtsbijstand is er geen maximum.

Kunnen alle verenigingen en stichtingen een beroep doen op de vrijwilligersverzekering bij bestuurdersaansprakelijkheid?

Nee. Voor de module bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering geldt een voorwaarde dat het balanstotaal van een vereniging of stichting mag niet hoger zijn dan 750.000 euro. Dit betekent in de praktijk dat de gemeentelijke vrijwilligersverzekering bescherming biedt aan bestuurders van relatief kleinere verenigingen en stichtingen en geen vangnet biedt voor bestuurders van grotere verenigingen en stichtingen, die vaak een eigen accommodatie hebben.

Welk risico lopen vrijwilligers?

De risico’s per vrijwilligersorganisatie verschillen. Iedere organisatie dient een eigen afweging te maken over het afsluiten van (aanvullende) verzekeringen. Dit is een risico-/kostenafweging die vrijwillige besturen uiteindelijk zelf moeten maken, aangezien die afhankelijk is van hun specifieke situatie. Een uitkomst kan zijn dat geen (aanvullende) verzekeringen nodig zijn.

Iedere vrijwilligersorganisatie zou voor zichzelf de volgende vragen moeten kunnen beantwoorden:

  • Welke risico’s lopen de vrijwillige bestuurders om persoonlijk aansprakelijk gesteld te worden op grond van het Burgerlijk Wetboek? Hoe groot zijn deze risico’s, in financiële termen?
  • In hoeverre dekt de gemeentelijke vrijwilligersverzekering deze risico’s, mede gelet op de voorwaarde dat het balanstotaal van een organisatie niet hoger mag zijn dan 750.000 euro?
  • Zijn de eventueel resterende risico’s te dragen voor de vrijwilligersorganisatie en de bestuurders?
  • Zo nee, is een collectieve bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering beschikbaar via een koepelorganisatie die een passende dekking biedt?
  • Zo nee, welke individueel door de organisatie af te sluiten bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is passend om de (resterende) risico’s te dekken?

NOV heeft een overzicht met tips gemaakt hoe je het risico op aansprakelijkheid verkleint: Aansprakelijkheid | NOV – Platform Vrijwillige Inzet.

Hoeveel claims voor bestuurdersaansprakelijkheid krijgt Centraal Beheer binnen?

Bij Centraal Beheer, waarbij vrijwel alle gemeenten met een vrijwilligersverzekering zijn aangesloten, zijn in de afgelopen drie jaar enkele tientallen claims ingediend op het gebied van bestuurdersaansprakelijkheid bij de gemeentelijke vrijwilligersverzekering. Bij de meeste zaken gaat het hooguit om het voorzien van verweer voor de bestuurders in kwestie. Dergelijk verweer wordt vergoed vanuit de bestuurdersaansprakelijkheidscomponent van de gemeentelijke vrijwilligersverzekering.

Op de andere modules, bijvoorbeeld de eigendommenverzekering, wordt vaker een claim ingediend. Deze zijn meestal beperkt van omvang.

Bij andere verzekeringen, zoals bij ClubZeker, komen relatief weinig claims binnen op het gebied van bestuurdersaansprakelijkheid. De claims die binnenkomen gaan vaak over het (niet) nakomen van contractuele verplichtingen.

Zijn er voor verenigingen en stichtingen ook andere manieren om je te verzekeren?

Verenigingen en stichtingen kunnen ook individueel een verzekering afsluiten voor bijvoorbeeld bestuurdersaansprakelijkheid en rechtsbijstand. Dit gebeurt vaak via tussenpersonen. Verschillende verzekeraars bieden dit type verzekering aan voor verenigingen en stichtingen, zoals Centraal Beheer (los van de gemeentelijke vrijwilligersverzekering), Vrijwilligersnet, Markel, Zurich met ClubZeker als tussenpersoon, en Interpolis. Inhoudelijk zijn deze verzekeringen grotendeels vergelijkbaar met elkaar, én met de gemeentelijke vrijwilligersverzekering. Kijkend naar financiële aspecten zoals de maximale dekking lopen de verschillende verzekeringsopties uiteen.

Daarnaast biedt een deel van de koepelorganisaties, zoals sportbonden, een collectieve verzekering aan voor hun leden. Dit gebeurt op twee manieren: ofwel dat alle bij de koepel aangesloten vrijwilligersorganisaties automatisch zijn verzekerd via de koepel, ofwel dat de leden ervoor kunnen kiezen om tegen betaling deel te nemen aan een collectieve verzekering.

 

[1] Let op: alle bedragen in dit document zijn de bedragen die op moment van schrijven gelden (januari 2026). Voor actuele bedragen wende men zich tot de verzekeraar of verzekerde/ gemeente.

,

Geplaatst op: 22 januari 2026